Iets over fylogenie van gehoorbeentjes en kaken    

Dit is een computer-reconstructie van de schedel van een Thrinaxondon, een fossiel van, tja...wat eigenlijk?.

De schedel (pakweg 5 cm lang) vertoont alle kenmerken van die van een zoogdier. Dit is opmerkelijk voor een fossiel uit de periode van het Perm-Trias.

Toch is er maar 1 gehoorbeentje, een columella, iets wat men alleen tegenkomt in de moderne amfibien, reptielen en vogels.

 

De kaakvan reptielen bestaat in tegenstelling tot die van zoogdieren (slechts 1 bot, het dentale) uit twee botten: dentale en angulare; het angulare articuleert viaeen derde bot, het quadratum met de schedel.

Bij zoogdieren articuleert de onderkaak (dentale) direct met de schedel. Bij deze dieren vindt men het angulare terug als de malleus en het quadratum als de incus. De stapes van zoogdieren en de mens is vergelijkbaar met de columella van amfibien, reptielen en vogels.
De evolutionaire theorie van het ontstaan van de gehoorbeentjes uit de primitieve kaken stata bekend als de Theorie van Reichert