Bouw van de oogrokken

     

Aan de buitenzijde van de oogbol (de bulbus oculi) bevindt zich de tunica fibrosa. Deze laag is de harde oogrok, en is een voortzetting van de dura mater rondom de hersenen. De tunica fibrosa bestaat uit de sclera en de cornea.

De pars caeca van de retina ontwikkelt zich verder tot de pars ciliaris retinae die het corpus ciliare bekleedt, en de pars iridis retinae die het binnenblad van de iris vormt.

Aan de voorzijde van het oog bevindt de omslagplooi van de retina en het pigmentblad zich ter hoogte van de rand van de pupil. In de iris is het pigmentblad van de retina door de cornea heen te zien.

Onder de sclera bevindt zich de tweede oogrok, de tunica vasculosa (het vaatvlies of uvea; voortzetting van de arachnoidea en de pia mater). De tunica vasculosa bestaat uit de choroidea die de bloedvaten bevat voor de oogbol, meer anterior uit het corpus ciliare, en geheel anterior uit de iris (rondom de pupil).

Let op dat de oogbeker zich ontwikkelt met een buitenblad en een binnenblad die van elkaar gescheiden worden door een fysieke ruimte, het spatium intraretinale. Deze ruimte blijft ook na de ontwikkeling latent aanwezig tussen het pigmentblad en de pars optica van de retina. Hierdoor kan het gebeuren dat de pars optica van de retina loslaat van het pigmentblad (zie voor histologische coupes de UNSW embryo pages voor het oog